Inloggen
2. Karakteriseren van het gebied

Afbakenen welke gebouwen binnen het gebied vallen

Draagt bij aan spoor:
A
B
Betrokken partijen:

Doel

Als projectgroep heb je een eerste afbakening gemaakt van woningen en gebouwen die binnen het project vallen. Daarbij is het eigendom en gebruik van deze gebouwen in kaart gebracht. 

Aanpak

Wat wordt de omvang van het project: de hele wijk of een deel ervan? Om hier als projectteam een keuze in te kunnen maken, zoek je naar een optimale balans tussen bijvoorbeeld:

  • Gebiedsomvang. Wil je met één groot project aan de slag, of meerdere kleine projecten?
  • Gebouwtypen. Wil je alleen aan de slag met bewoners, of betrek je een nabijgelegen bedrijventerrein? Ook heeft de technische situatie van de gebouwen invloed op de afbakening. 
  • Mogelijke technische oplossingen. Denk bij een warmtenet bijvoorbeeld aan welke delen van de wijk en/of verschillende wijken aangesloten kunnen worden.  

De definitieve afbakening komt in een iteratief proces tot stand. Begin met een afbakening die logisch lijkt en realiseer je dat een ideale afbakening niet bestaat. Per gebouw breng je in kaart wiens eigendom het is en hoe het gebouw wordt gebruikt (wonen, werken, publiek, etc.). Maak onderscheid tussen sociale huurwoningen (eigendom woningcorporatie), particuliere huurwoningen (eigendom private belegger) en koopwoningen (eigendom bewoners). Deze informatie heb je namelijk nodig bij het Inrichten van financiële arrangementen. Geef ook aan welke woningen grondgebonden zijn (woning staat op eigen grond) en welke gestapeld (appartementencomplexen). Deze informatie heb je later nodig bij om te bepalen welke techniek geschikt is.

Ga in gesprek met belanghebbende zoals de woningcorporatie, bedrijvenvereniging, bewonersvertegenwoordiger of andere organisaties in de wijk om een genuanceerder en rijker beeld te krijgen van de actuele situatie. Verzamel relevante informatie over het gebouw, zoals adressen, energieverbruik en de huidige staat. Als gaandeweg blijkt dat een andere afbakening passender is, stel de gebiedsafbakening dan bij.

Een afbakening helpt je uiteindelijk om in deze en volgende fasen de juiste strategie te kiezen en tot een tot een business case voor de wijk te komen in Business case voor de wijk opstellen (fase 3).

Tips

Afbakenen van het gebied
  • Zorg eerst voor betrouwbare geodata van de wijk, zoals met de Kadastrale kaart. Gebruik ook de informatie uit het knooppunt Inzicht in fysieke en geografische kenmerken (fase 2). 
  • Wijken zoals vastgesteld door het Centraal Bureau voor de Statistiek omvatten meestal enkele duizenden woningen. Dit kan de juiste schaal zijn voor het onderzoeken van een technische oplossing. Het interactieproces met bewoners vraagt vaak een kleiner schaalniveau, bijvoorbeeld het niveau van wat CBS "buurten" noemt: zo'n 500 woningen.
  • De afbakening van het projectgebied kan tijdens de looptijd van het project wijzigen (doordat business case niet haalbaar is, een deel van de wijk al een oplossing heeft, of doordat participatie passender is op kleiner schaalniveau). Behoud de nodige flexibiliteit om de afbakening van het gebied gedurende het proces aan te passen. Bedenk welke knooppunten je opnieuw moet doorlopen.
  • Onderzoek of het voordelen heeft om de wijk te verdelen in clusters, bijvoorbeeld qua type vastgoed, eigenaarschap of netwerk. Voor clusters met dezelfde kenmerken kan dezelfde oplossing worden geboden. Dit maakt de aanpak efficiënter en effectiever.

Eigendom in kaart brengen
  • De Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG) bevat de officiële gegevens van alle adressen en gebouwen in Nederland en kan worden gebruikt om het eigendom en de functie van gebouwen in de wijk in kaart te brengen.
  • De volgende eigendomsvormen kun je tegenkomen bij woningen: woningen die in VvE's verenigd zijn, gemengd bezit met zakelijke eigenaar, gemeentelijk vastgoed en woningen in particulier bezit. Gemengd bezit is bijvoorbeeld een VvE-complex waar een woningcorporatie of een particuliere verhuurder een aantal woningen in bezit heeft (soms zelfs een meerderheid van de woningen).
  • Krijg inzicht in het corporatiebezit, o.a. door middel van kaarten. Vraag de woningcorporatie om een overzicht van haar bezit en vraag de gemeente om aanvullingen. Hiervoor kan je de startanalyse en kaartmateriaal van het bezit van alle corporaties van Republiq gebruiken. 
  • De klimaatmonitor kan je aan data helpen over o.a. CO2-uitstoot, energiegebruik en hernieuwbare energie. 
  • Kijk of met de verkregen inzichten in dit knooppunt het nodig is om de knooppunten Gezamenlijke ambitie voor de wijk vaststellen (fase 1) en Participatie- communicatiestrategie opstellen (fase 1) aan te vullen of bij te stellen.